BEWAARCOLUMN Ga door met droogregime zolang het noodzakelijk is Het bewaren van aardappelen is een vak apart en vereist veel kennis en ervaring. In deze column delen vier deskundige bedrijfsadviseurs van Delphy bij toerbeurt actuele bewaartips. Dit keer een bijdrage van Anton van der Velde, werkzaam in de regio West-Brabant. “Het bewaarregime tot nu toe is voor Nederland, en waarschijnlijk ook delen van België, grofweg op te delen in drie categorieën. Dat betreft aardappelen geoogst en binnengebracht vóór begin oktober, oogst van 23 tot 31 oktober en partijen die daarna onder zeer natte omstandigheden tot wel half december geoogst zijn. De eerste categorie betreft maar weinig partijen. Deze liggen al maanden vrijwel probleemloos achter de planken en zijn inmiddels op bewaartemperatuur. Probleemloos slaat dan op het bewaren, want de knollen hebben vanwege de droogte eind september over het algemeen wel meer onderhuidse beschadiging opgelopen. Op zich kwamen de meeste aardappelen in, wat ik zelf de 8­daagse noem, kwalitatief redelijk in de schuur, soms wel met wat melkzuurschimmel. Een klein deel is echter volledig verongelukt. Dit waren voornamelijk versmeerde en zeer vochtig ingeschuurde knollen uit lichte zavelgronden van zowel complete percelen als perceelsdelen. Nadat deze twee tot drie weken in de schuur lagen, vond je overal knollen waar je met je duim zo een gat in drukte. Het percentage rot in deze partijen explodeerde en daarmee waren ze niet langer houdbaar. De meeste zijn al begin december geruimd. Overigens telden bij dergelijke partijen alle gebrekkigheden in de bewaring mee. Bijvoorbeeld hinder voor en in de luchtstroom van kanalen kan dan al funest zijn. Zo kan een houten trapje dat half voor de kanaalopening zit al een negatieve invloed hebben. Dat scheelt in dat kanaal mogelijk al snel enkele tientallen kuubs aan lucht per uur per kuub aardappelen. Wanneer je weet dat 100 de norm is en dat dit gelijk een minimum is voor aardappelen die onder natte omstandigheden met veel grond zijn ingeschuurd, dan kun je dus geen kuub missen. Voor lange bewaring geldt zelfs al jaren het advies van 120 kuub lucht per uur per kuub aardappelen. Veelal zien we in schuren met deze ventilatiecapaciteit minder problemen. Je kunt hiermee dus ook extremere situaties aan. Continu aandacht Een deel van de partijen uit de 8­daagse die continu aandacht blijven vragen, omdat toch weer telkens rot optreedt, is te vinden bij het graven van kuiltjes op de aardappelhoop of soms zichtbaar als lekvocht in de ventilatiekanalen. Dat zien we ook bij partijen waarvan we dachten dat ze onder controle waren. Het rot lijkt beheersbaar, maar bij deze partijen moet je goed opletten. Waar uiteindelijk nog heel veel rot tot ontwikkeling komt is en blijft het regime; kachel erbij en hou de knoltemperatuur op 10 tot 12 graden Celsius. Het kan zijn dat de boel daarna alsnog stabiliseert of dat toch de beslissing valt om snel te gaan leveren. Dan is er de categorie partijen waarin beperkt rot aanwezig blijft. Alertheid hierop is vooral nodig in partijen van het ras Agria. Hou deze zolang op 8 tot 9 graden Celsius. Dat geeft ook de mogelijkheid om bij soms nog hoge buitentemperaturen als we in de tweede helft van december hadden, extern regelmatig te kunnen drogen. Stabiel product zal ondertussen teruggebracht zijn naar een, bij het teeltdoel passende, bewaartemperatuur van 6 tot 7,5 graden Celsius. Zie je alsnog lekvocht ontstaan, draai dan intern om lekvocht door de hoop te verdelen. Is de partij na twee weken draaien en kachels erbij nog niet droog? Je bent niet de enige. Natte grond bevat zeer veel liters vocht. Drogen duurt soms lang Dan rest nog advies voor de partijen die vanaf begin november met heel veel grond en vocht en deels ook koud zijn ingeschuurd. Het advies hierin blijft: drogen net zolang totdat de aardappelen en de grond beginnen op te grijzen. Hoe ver je moet drogen hangt af van de hoeveelheid rotte knollen. Hoe meer rot, hoe droger je grondbuffer moet zijn om lekvocht op te kunnen nemen. Kijk bij controle niet naar de bovenkant van de hoop die er veelal wat gunstiger uitziet, maar ga graven. Ga na of je ook droging constateert dieper in het product, zowel wat knollen als grond betreft. Wees eveneens alert op rot en het lekvocht daaronder. Het percentage ingeschuurd rot viel over het algemeen nog mee. Het meeste rot begint vooral na twee tot vier weken te ontstaan in de bewaring. Ook rot vanwege vorstschade is nu zichtbaar. De meeste problemen zie je in schuren en op plekken waar een en ander niet in orde is. Dat kan zijn vanwege onvoldoende ventilatiecapaciteit, een mindere luchtverdeling of vanwege stortkegels.” ● Aardappelwereld magazine • januari 2020 • nummer 1 13 Pagina 52

Pagina 54

Interactieve e-spaarprogramma, deze editie of publicatie is levensecht online geplaatst met Online Touch en bied het van pdf naar digitaal converteren van digi-verenigingsbladen.

Dossier bewaring Lees publicatie 2Home


You need flash player to view this online publication